Sluiten

Reumatologen aan de slag met kennisontwikkeling

Kan E-health bij een bepaalde groep reumapatiënten aantoonbaar bijdragen aan betere kwaliteit van zorg, meer zorg op de juiste plek en minder zorgkosten? Is het afbouwen van biologicals en conventionele DMARDS bij patiënten met reumatoïde artritis, spondylartritis en artritis psoriatica veilig en (kosten)effectief? Deze en andere onderzoeksvragen komen aan bod in de nieuw gelanceerde kennisagenda van de NVR. De kennisagenda bevat de belangrijkste onduidelijkheden uit de dagelijkse praktijk die nader onderzocht moeten worden. Met de onderzoeksresultaten kunnen reumatologen de zorg aan hun patiënten verder verbeteren. Tijdens de ALV op het januari congres werd de kennisagenda aangeboden aan Henk Smid, directeur ZonMW.

E-health in de reumatologie: juiste zorg op de juiste plek
De kennisagenda van de reumatologen bevat 11 onderzoeksvragen. Onder meer willen zij onderzoeken wat de waarde is van e-health interventies, vergeleken met de huidige zorg bij patiënten met een inflammatoire reumatische ziekten. Willem Lems, werkgroepvoorzitter: “E-health is een veelbelovende ontwikkeling. Het zou een oplossing kunnen bieden voor uitdagingen waar we mee te maken hebben: een afname van het aantal consulten door inzet van e-health kan de druk op de zorg verlagen. Het kan bijdragen aan meer zorg op de juiste plek én de zorgkosten omlaag brengen. Door slimme inzet van bijvoorbeeld telemonitoring kunnen we de kwaliteit van zorg ook nog verbeteren. Op dit moment worden dit soort toepassingen in de reumatologie nog spaarzaam gebruikt. Er is overtuigend bewijs nodig om zorgverleners tot een aanpassing van hun werkwijze te laten komen. Met dit onderzoek willen we duidelijkheid geven over de meerwaarde van e-health bij deze aandoening.”

Is het afbouwen van biologicals en conventionele DMARDS bij patiënten met reumatoïde artritis, spondylartritis en artritis psoriatica veilig en (kosten)effectief?

Voor een aantal van deze middelen is er sterk bewijs dat ziekteactiviteit gestuurd afbouwen en stoppen bij patiënten met reumatoïde artritis veilig en kosteneffectief is. Echter, voor een aantal andere biologicals zijn nauwelijks of geen gegevens en wordt er spaarzaam onderzoek gedaan naar dosisverlaging bij deze specifieke middelen. Bij spondylartritis en artritis psoriatica is het (ziekteactiviteit gestuurd) verlagen van medicatie een vrijwel onontgonnen gebied (op één lopende strategiestudie na). Afbouwen van bestaande medicatie is aantrekkelijk voor patiënten, ze hoeven immers minder vaak hun medicatie te nemen (meestal injecties), en hebben minder kans op bijwerkingen. Henk Jan Smid complimenteerde de reumatologen dat zij deze onderzoeksvraag hebben opgenomen in de kennisagenda. “Het is namelijk niet gebruikelijk om afbouwen te onderzoeken. Dit is voor de maatschappij zeer relevant. Het is mooi dat de NVR dit als een belangrijk onderzoeksveld ziet, met grote impact op patiëntenzorg en kosten.”